Tettan communicatieadvies

Gertjan van der Meulen communicatieadvies

Als freelance communicatieadviseur ben ik beschikbaar in Noord-Nederland als tijdelijke versterking op de communicatieafdeling, als vervanger bij ziekte of zwangerschap of voor het uitvoeren van projecten.

De afgelopen 10 jaar heb ik als interim-communicatieadviseur opdrachten gedaan bij onder andere de Rabobank, Vitens, De Friesland Zorgverzekeraar, Lefier, Marketing Groningen en de KwadrantGroep. Op dit moment doe ik een opdracht voor de Rijksuniversiteit Groningen.

Muziek

Ik zing al mijn hele leven. Eerst thuis met een borstel voor de spiegel. Daarna in de studentenband Tremble, waarmee we in de Oosterpoort in het voorprogramma van Rowwen Hèze stonden. En sinds 1992 in het akoestisch trio Sam’s Night. Klinkt een beetje als Samsonite en dat past mooi, want we spelen – naast eigen liedjes – ijzersterke covers.

In 1997 hebben we een live-cd opgenomen. Op tettan.nl/samsnight staan alle nummers. De foto hierboven is trouwens genomen tijdens een gastoptreden met The Key Players op het kerstfeest van TKP.

Groot Dictee der Nederlandse Taal

In december 2015 ben ik na een voorronde in de Volkskrant uitgenodigd om in de Eerste Kamer mee te schrijven met het Groot Dictee der Nederlandse Taal. Hieronder volgt mijn dictee, met in het rood de fouten:

Groot Dictee Sergio IJssel

Lang leve het heen-en-weer

Ik was een pensionaatsmeisje met een goeiige nonkel die redemptorist was en zondags te allen tijde een soutane droeg. In de Congolese broese (brousse) praatte hij Kikongo en dronk palmwijn zo zacht als leguanenhuid.

Pontificaal gezeten in mijn bomma’s feauteuil (fauteuil), onder de Byzantijnse afbeelding van Onze-Lieve-Vrouw van altijd durende bijstand (Altijddurende Bijstand) in haar karmozijnrode gewaad, een drupje elixir (Elixir) d’Anvers op het ovale bijzettafeltje, liet heeroom tijdens zijn congé sigarenrook de kamer in kringelen.

Op mijn tweeëntwintigste verliet ik dit sacro-sancte (sacrosancte), brelliaanse (breliaanse) universum en verkaste naar Nederland, waar een kotelet een karbonade heette, caoutchouc rubber, een froufrou een pony en een brood niet grijs was maar bruin.

In Mokum voelde ik me al gauw (algauw) senang. Ik leerde jij-bakken pareren, linkmiechels (linkmiegels) vermijden en ervoer mijn expatriatie nooit als een collocatie. Allengs maakte ik kennis met hachee, gruttenpap en krentjebrij, maar ook met saté en spekkoek, en at niet alleen halal maar ook koosjer.

Groot Dictee linkmiegels

“Wordt mijn dochter daarginds niet te astrant?”, weifelde mijn moeder. Ze prefereerde inmiddels dat ik Neerpelts sprak – alles beter dan dat guterale (gutturale) Hollands. Mijn vader fulmineerde tegen het perfide drugbeleid (drugsbeleid) van de noorderburen en hun promiscuïteitsbevorderende (promiscuïteitbevorderende) seksshops, maar hun eloquentie apprecieerde hij en Het (het) Groot Dictee miste hij niet één keer.

Jeeminee (Jeminee), ben ik na al die jaren verkaasd? Vast en zeker, al val ik geenszins van scylla (Scylla) in charibdis (Charybdis) wanneer ik – om te spreken met de onlangs verscheiden Drs. P – vice versa heen en weer vaar tussen beide taal- en cultuuroevers.

Groot Dictee Ron Fresen